Geachte bezoeker,

als uw browser geen frames kan weergeven, dan kunt u de links op deze pagina gebruiken om de informatie te vinden die u nodig heeft.
Mocht uw browser wel in staat zijn frames weer te geven, dan klikt u hier voor onze hoofdsite of hier voor deze tekst op de hoofdsite.

Algemeen Informatie Rekenmodules
Home Disclaimer Wie zijn wij? Veelgestelde vragen Vraag het ons Forum Trajectbegeleiding Alimentatie Belasting Geld en Hypotheek Nieuws Recht & Regels Alimentatie Echtscheiding

Advocaten / Mediators

Advocaten: Advocaten zijn verplicht bij echtscheidingsprocedure

Advocaten spelen een belangrijke en onmisbare rol bij een echtscheiding aangezien een echtscheidings procedure alleen mogelijk is bij de Rechtbank en de vertegenwoordiging door een advocaat verplicht is. De rol van een advocaat is tweeledig, ten eerste dient hij zorg te dragen voor het in behandeling gaan van de procedure voor de Rechtbank en het opstellen van de in te dienen processtukken en mocht er een zitting komen dan zal de advocaat u vertegenwoordigen. Dit kunt u zien als de formele kant
van zijn taakomschrijving, in de praktijk dient hij er echter ook voor te zorgen dat de afhandeling van de scheiding ”soepel” verloopt. De tweede taak van een advocaat bij een echtscheiding is er voor te zorgen dat er een evenwichtige verdeling van het vermogen en de inboedel gerealiseerd wordt, tevens dient er in het geval dat er kinderen zijn bepaald te worden wie de voogdij krijgt en eventueel een omgangs- bezoekregeling afgesproken te worden. Een ander belangrijk onderwerp bij een echtscheiding is vaak hoe om te gaan met de gezamenlijke woning, hierover kunnen sterke emotionele gevoelens bij u en bij uw ex partner leven. Een afweging zal gemaakt moeten worden tussen wensen en mogelijkheden, zo zou bijvoorbeeld gekeken kunnen worden of het voor de kinderen wenselijk is om in de voor hun bekende en vertrouwde woning te blijven wonen. Een andere mogelijkheid isom de woning te verkopen, het was ten slotte van u beide en herinneringen en emoties kunnen hevig zijn betreffende de ‘oude’ woning, verkoop kan dan gezien worden als ‘afsluiting’. In deze overweging dienen uiteraard de financiële mogelijkheden meegenomen te worden, over deze en andere zaken dienen afspraken gemaakt te worden die vervolgens in het convenant opgenomen worden. In het hoofdstuk Geld&Hypotheek worden de voor- en nadelen van de mogelijkheden met voorbeelden verduidelijkt. U kunt ervoor kiezen om een advocaat in te schakelen die zowel voor u als uw ex-partner de belangen behartigt, of er voor kiezen beide apart een advocaat in te schakelen. Beide mogelijkheden bieden verschillende voordelen en nadelen en zal voornamelijk afhangen van de verstandhouding die er heerst tussen u en uw toekomstige ex-partner. In veel gevallen wordt gekozen voor aparte bijstand voor beide partijen, u zult dan met uw advocaat doornemen wat uw wensen zijn en uw ex zal dat doen met zijn/haar advocaat. Voordeel van deze aanpak is dat u er van overtuigd kunt zijn dat uw advocaat alleen uw belang nastreeft en zijn uiterste best zal doen het maximale qua regelingen in uw voordeel te bewerkstelligen. Een bijkomend voordeel is dat u weinig tot niet met uw ex partner geconfronteerd zult worden. Een nadeel zou kunnen zijn dat er een “vechtsituatie”ontstaat waarin u loodrecht tegenover uw ex partner komt te staan en relatief kleine verschillen in inzicht en afhandeling tot grote conflicten kunnen leiden. De meeste instanties in Nederland die op enigerlei wijze betrokken zijn bij echtscheidingen waarschuwen voor dit effect, met name als er kinderen zijn kan dit tot schrijnende gevallen leiden. U weet zelf het beste waar uw prioriteiten liggen en als uw ex partner en u niet in relatieve harmonie tot een oplossing kunnen komen zal de gang naar de rechter met alle procedures, regelgeving en hoger beroepen het eventuele gevolg zijn. De laatste jaren is er echter een tendens waar te nemen dat steeds vaker een echtscheiding procedure “op gemeenschappelijk verzoek” plaats vindt, in dat geval is er slechts één gemeenschappelijke advocaat. Als u er voor kiest om gezamenlijk met uw ex-partner een advocaat in de arm te nemen zal het te volgen traject er in grote lijnen als volgt gaan uitzien. U zult een oriënterend gesprek met de advocaat voeren waarin de wensen van beide partijen worden besproken, het voornaamste onderwerp dat opgelost moet worden is hoe om te gaan met uw eventuele kinderen, er zijn verschillende mogelijkheden, belangrijk is dat hun belang voorop wordt gesteld dat zal dan ook het uitgangspunt zijn van de advocaat. Mocht er onverhoopt toch geen bevredigende regeling betreffende de kinderen getroffen kunnen worden, of om welke andere reden dan ook, dan is de optie om beide een eigen advocaat in te schakelen altijd nog mogelijk, de oorspronkelijke advocaat zal zich dan verplicht terugtrekken aangezien het aanblijven als raadsman een van beide partijen een te groot voordeel zou kunnen opleveren. In de meeste echtscheidingszaken komen de partijen uiteindelijk tot overeenstemming, een mondelinge behandeling bij de Rechtbank zal dan niet nodig zijn. De advoca(a)t(en) zal een zogenaamd convenant opstellen waarin vermeld wordt welke regelingen er zijn getroffen met betrekking tot de kinderen, de alimentatie, de boedelverdeling, het eigen huis, verdeling van schulden&bezittingen en diverse andere zaken, in principe een contract tussen u en uw ex partner. Een convenant, mits bekrachtigd door de Rechtbank, is dan ook een bindend juridisch document. Hoewel uiteraard elke echtscheiding “uniek” is vertonen de meeste convenanten grote gelijkenis met elkaar, bij elke scheiding dienen dezelfde kwesties geregeld te worden, een “standaard” convenant is elders op de site te vinden. Een dergelijk standaard convenant kan dan uitgebreid en aangepast worden aan uw specifieke situatie. De Rechtbank zal een verzoek tot echtscheiding vergezeld van een zorgvuldig opgesteld convenant (en een alimentatie berekening op basis van Trema normen) meestal honoreren.

Kosten

De werkzaamheden die advocaten verrichten brengen kosten met zich mee. In Nederland bestaat er geen “vaste tarieven structuur” voor de aan u geleverde diensten zal elke advocaat zijn eigen tarief declareren. U doet er dus verstandig aan om bij het inleidende gesprek te informeren naar het gehanteerde tarief en een kostenschatting te vragen. Een andere mogelijkheid is voor aanvang van de procedure een vaste vergoeding overeen te komen, dit is in het geval van de zogenaamde “flitsscheiding”en scheidingen via internet gebruikelijk. Additionele kosten zijn de bijdrage in de kosten van de rechtspraak, het griffierecht. Mocht u met uw ex partner besloten hebben voor een gemeenschappelijk scheidings aanvraag, dan kunnen de gemaakte kosten onderling naar eigen inzicht verdeeld worden. Wanneer de hoogte van de gemaakte kosten uw financiële middelen (gedeeltelijk) te boven gaan kunt u een “toegevoegd” advocaat krijgen. Wanneer de Raad voor Rechtsbijstand goedkeuring verleend zal de overheid een deel van uw kosten betalen, tevens zal het eerder genoemde griffierecht verlaagd worden. Uw eigen bijdrage zal dan afhankelijk gesteld worden van uw inkomen en eventueel vermogen. Om in aanmerking te komen voor deze regeling dient u aan uw advocaat een ‘Verklaring omtrent inkomen en vermogen’ (VIV) te overhandigen. Op het gemeentehuis in uw woonplaats kunt u dit VIV formulier krijgen. Uw advocaat zal deze verklaring dan naar de Raad voor Rechtsbijstand sturen en zij zullen dan beoordelen of u in aanmerking voor ‘toevoeging’ komt.

Mediator

In recente jaren is een extra optie beschikbaar gekomen, uit de Angelsaksische wereld en het bedrijfsleven is het begrip “mediation” overgewaaid. Het is vooralsnog een nogal ruim te interpreteren begrip, er bestaan diverse vormen van mediation voor verschillende conflicten die onderling nogal verschillen, de kern echter is dat de zogenaamde mediator zich als onafhankelijke derde persoon opstelt. Het centrale principe is dat een mediator, of in goed Nederlands een bemiddelaar, in een “conflictsituatie” de dialoog tussen beide partijen weer wil opstarten, de focus ligt op het verbeteren en mogelijk maken van de onderlinge communicatie, die gewoonlijk niet optimaal meer was. Beide partijen mogen hun kant van het verhaal vertellen en er is meer ruimte voor emoties, doelstelling is niet alleen een evenwichtige regeling te treffen, maar ook een regeling die op begrip en instemming van beide partijen kan rekenen. Met betrekking tot afspraken over kinderen, bezoekregelingen en de eigen woning is maatwerk mogelijk, dit zijn aandachtpunten die uitvoerig aan de orde komen en waar de kracht van mediation ligt. Inschakeling van een mediator vereist wel dat beide partijen de instelling moeten hebben om er gezamenlijk uit te komen en compromissen niet bij voorbaat uit te sluiten. Wederom bent u de aangewezen persoon om te oordelen of dit in uw specifieke situatie een wenselijk alternatief is.

Kosten

De aandachtspunten die gelden met betrekking tot de kosten die de werkzaamheden van mediators met zich meebrengen zijn in grote lijnen identiek met die voor advocaten. Het is verstandig om vooraf een schatting van de te verwachten kosten te vragen, hierdoor krijgt u tevens een goed inzicht in de structuur van de te volgen werkwijze. De uiteindelijk aanvraag voor de procedure dient gedaan te worden door een advocaat, zoals eerder uitgelegd, de meeste mediators hebben vaste contacten met advocaten, maar dit kan per geval verschillen. In de rubriek Nieuws en Actualiteiten kunt u lezen over een nieuw initiatief van de overheid dat mediation wil gaan verplichten.

Alimentatie

Alimentatie: oorzaak of reden van echtscheiding heeft geen invloed op alimentie plicht

Alimentatie is een bijdrage in de kosten van levensonderhoud. Het gaat om een geldbedrag dat u regelmatig krijgt of moet betalen. U kunt alimentatie krijgen als u niet (helemaal) in uw eigen levensonderhoud kunt voorzien. U moet alimentatie betalen als u die verplichting hebt tegenover iemand die niet in haar of zijn eigen levensonderhoud kan voorzien omdat zij of hij niet genoeg inkomsten heeft of helemaal geen inkomsten.

Wie heeft een alimentatieplicht

Er is een alimentatieplicht voor: getrouwde en geregistreerde partners ,ex-partners, ouders en kinderen Getrouwde en geregistreerde partners Zij moeten elkaar volgens de wet, getrouwheid, hulp en bijstand geven en elkaar het nodige verschaffen. Zij moeten allebei, behalve onder bijzondere omstandigheden, bijdragen in de kosten van de huishouding. U kunt daar in de huwelijkse voorwaarden of in de partnerschapsvoorwaarden andere afspraken over maken. De rechter kan zulke andere afspraken op verzoek van één partner of beide partners wijzigen. Tegen een beslissing van de rechter op zo'n wijzigingsverzoek is beroep mogelijk.

Ex-partners

Als mensen officieel uit elkaar gaan, houden de verplichtingen van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap op. Maar voor de onderhoudsverplichting ligt dat anders. Als mensen gaan scheiden of hun huwelijk na een scheiding van tafel en bed laten ontbinden, vervalt de verplichting niet om financieel voor elkaar te zorgen. Heeft één van de ex-partners niet voldoende inkomsten, dan moet de ander in principe alimentatie betalen. De plicht om alimentatie te betalen houdt op als de ex-partner aan wie moet worden betaald, trouwt of gaat samenwonen met iemand anders alsof zij getrouwd waren dan wel een geregistreerd partnerschap aangegaan waren.

Ouders

Ouders en kinderen Ouders moeten voor hun kinderen de kosten van verzorging en opvoeding betalen, totdat zij 18 jaar zijn. Maar als een kind meerderjarig wordt (18 jaar), houdt de financiële verplichting niet op. Ouders hebben voor hun kinderen van 18,19 en 20 jaar een 'voortgezette onderhoudsplicht'. Dit betekent dat zij de kosten van levensonderhoud en studie moeten betalen. Omdat ouders altijd voor hun minderjarige kinderen moeten zorgen, moet bij een scheiding voor de minderjarige kinderen een regeling worden getroffen. En omdat de financiële verplichting van de ouders doorloopt tot een kind 21 jaar is, moet ook voor de meerderjarige kinderen van 18,19 en 20 jaar een financiële regeling worden getroffen. Als één van de ouders alimentatie voor een kind betaalt, loopt die betaling door tot het kind 21 jaar is. Pas dan stopt in principe de financiële verplichting van de ouder. Financiële verplichtingen van ouders staan los van het gezag. Uit het geregistreerd partnerschap vloeien geen betrekkingen met kinderen voort. Bij het uiteengaan van de geregistreerde partners hoeven op zichzelf dan ook geen financiële regelingen voor de kinderen te worden getroffen die de geregistreerde partners gezamenlijk opvoeden. Soms ligt dat anders. Vooral als de geregistreerde partners gezamenlijk het gezag over de kinderen uitoefenen. Als bij het uit elkaar gaan van de geregistreerde partners ook een regeling wordt getroffen over wie voortaan alleen voor de kinderen zal zorgen, worden daarbij ook vaak de financiële consequenties ten aanzien van de kinderen geregeld. Hierover vindt u meer in de brochure 'Gezag, omgang en informatie'. (Een stiefouder heeft dezelfde verplichting als een eigen ouder, als de stiefouder met de eigen ouder van het kind is getrouwd en het kind tot het gezin van de stiefouder en de eigen ouder behoort. Deze verplichting van de stiefouder houdt op als het huwelijk eindigt) Als een kind van 18,19 of 20 jaar wèl in het eigen onderhoud kan voorzien, bijvoorbeeld omdat het werkt, zou de alimentatiebetaling in overleg met het kind kunnen worden gestopt. Kunnen ouder en kind in zo'n geval niet tot overeenstemming komen, dan kan de ouder aan de rechter om beëindiging van de betalingsverplichting vragen.

Alimentatie bij of na scheiding of ontbinding van het huwelijk

Bij de scheiding kunnen uw ex-partner en u samen afspraken maken over alimentatiebetaling. Zo'n afspraak wordt in een schriftelijke overeenkomst(scheidingsconvenant) vastgelegd. Als bij de scheiding is afgesproken dat er geen alimentatie hoeft te worden betaald en na verloop van tijd uw ex-partner of u niet meer (geheel) in het eigen levensonderhoud kan voorzien, kan diegene alsnog aan de ander om alimentatie vragen. Ook dan kunnen uw ex-partner en u daar samen een afspraak over maken die schriftelijk wordt vastgelegd en door beiden wordt ondertekend. Verder kan het zo zijn dat de omstandigheden van uw ex-partner of u zo veranderen dat de afgesproken alimentatieregeling niet meer redelijk is. U kunt dan samen een andere alimentatieregeling afspreken die schriftelijk wordt vastgelegd en door u allebei wordt ondertekend. Spreken uw ex-partner en u na verloop van tijd een (andere) alimentatieregeling af, dan gebeurt dat vaak via een advocaat of notaris. Als u samen een alimentatieregeling af spreekt en een van beiden vraagt een bijstandsuitkering aan, dan vraagt de gemeentelijke sociale dienst aan de andere ex-partner een opgaaf van alle financiële gegevens. Dit om te kunnen beoordelen of (een deel van) de bijstand op hem of haar kan worden verhaald (zie 'Bijstand'). Ook over alimentatie voor minderjarige kinderen kunnen uw ex-partner en u als ouders in het scheidingsconvenant een afspraak maken. Kinderalimentatie loopt door tot het kind 21 jaar wordt. Dit betekent dat de afspraak tussen uw ex-partner en u (de ouders) moet worden vervangen door een afspraak tussen de betalende ouder en het kind, als het kind 18 jaar wordt. Het kan zijn dat dan hetzelfde bedrag wordt afgesproken, maar er kan ook een andere afspraak worden gemaakt. Is het kind op het moment dat uw partner en u uit elkaar gaan 18,19 of 20 jaar, dan moeten de betalende ouder en het kind samen afspreken welk bedrag het kind als bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie van de ouder krijgt. (Bij meerderjarige kinderen speelt de Wet studiefinanciering een rol. Als het kind studiefinanciering beeft en er wordt een relatief laag alimentatiebedrag afgesproken, kan het zijn dat het kind voor een hoger bedrag wordt gekort op de aanvullende beurs.) Partneralimentatie via de rechter Kunnen of willen uw ex-partner en u geen afspraken maken over een alimentatieregeling en heeft één van u beiden toch een financiële ondersteuning nodig, dan kan de rechter een alimentatieregeling vaststellen. De rechter kan partneralimentatie vaststellen als nevenvoorziening bij een scheidingsprocedure. Is dat niet gebeurd, maar heeft na verloop van tijd één van u beiden toch financiële ondersteuning nodig, dan kan de rechter op verzoek van diegene een alimentatieregeling vaststellen. Gewijzigde omstandigheden Als de omstandigheden van uw ex-partner of u wijzigen, kan na verloop van tijd het vastgestelde alimentatiebedrag niet meer redelijk zijn. De rechter kan dan op verzoek van (één van) u beiden een ander bedrag vaststellen. Dat kan ook als de rechter bij zijn of haar eerdere beslissing is uitgegaan van verkeerde of van onvolledige gegevens. Tenslotte kan de rechter ook een afspraak in een scheidingsconvenant wijzigen, intrekken of vernietigen. Zoiets kan gebeuren als één van u beiden een hele verkeerde voorstelling van zaken heeft gegeven en de ander dat destijds als juist heeft aangenomen. Er is dan, zoals dat heet, sprake van 'grove miskenning van behoefte of draagkracht'. Kinderalimentatie via de rechter Ook als u als ouders samen geen afspraken kunt maken over kinderalimentatie voor een minderjarig kind, stelt de rechter een bedrag per kind vast dat meestal maandelijks moet worden betaald. De rechter kan ook voor meerderjarige kinderen een bedrag vaststellen dat de meerderjarige van de ouder(s) moet krijgen als ouder(s) en kind er niet samen uitkomen. In de beslissing van de rechter staat wanneer de eerste betaling moet worden gedaan. De rechter kan in de beslissing ook voorwaarden opnemen. Kind wordt 18 jaar Zodra een kind 18 jaar is en er kinderalimentatie moet worden gewijzigd of gevraagd, moet het kind daar zelf het initiatief voor nemen. Komen ouder en kind er samen niet uit, dan kan het kind het verzoek aan de rechter voorleggen. Het kind heeft dan tegenover de betalende ouder dezelfde positie als de ex-partner die niet (helemaal) in het eigen levensonderhoud kan voorzien. De rechter stelt op verzoek een alimentatieregeling vast als: nevenvoorziening bij de beslissing over de scheiding nevenvoorziening op een aparte zitting ná de beslissing over scheiding binnen kortere of langere tijd na de scheiding: -de rechter doet dit dan op verzoek van degene die niet (meer) in staat is om geheel in het eigen levensonderhoud te voorzien er een verzoek is gedaan om wijziging van de alimentatieregeling; zo'n verzoek om wijziging van de alimentatieregeling kan zowel door degene worden gedaan die alimentatie ontvangt als door degene die alimentatie moet betalen

Duur van de partneralimentatie

U kunt met uw ex-partner afspraken maken over alimentatie voor een bepaalde periode of voor een onbepaalde periode. Wilt u dat niet of lukt dat niet, dan zal de rechter niet alleen bepalen welk bedrag moet worden betaald, maar zal hij of zij ook de alimentatie voor een bepaalde periode of voor een onbepaalde periode vaststellen. Als uw ex-partner en u over de duur van de alimentatieverplichting een afspraak hebben gemaakt, eindigt de verplichting in principe als de periode die uw ex-partner en u hebben afgesproken voorbij is. Datzelfde geldt als de rechter in de beschikking heeft aangegeven hoelang de alimentatieverplichting duurt. De alimentatieregeling eindigt in elk geval als één van de ex-partners overlijdt. Ook eindigt de betalingsverplichting als degene die alimentatie ontvangt, trouwt of gaat samenwonen met iemand anders alsof zij getrouwd waren of een geregistreerd partnerschap aangegaan zijn.

Nieuwe regels

Sinds 1 juli 1994 zijn er wettelijke regels voor de tijd dat er partneralimentatie moet worden betaald. Deze regels zijn van toepassing op een alimentatieregeling die op of na 1 juli 1994 door de ex-partners is afgesproken of door de rechter is vastgesteld. Deze regels zijn ook van toepassing als een geregistreerd partnerschap eindigt via de rechter. Als het geregistreerd partnerschap buiten de rechter om eindigt, dan moet over de tijd dat er partneralimentatie betaald wordt een afspraak in de beëindigingovereenkomst gemaakt worden. In de wet is ook een regeling opgenomen voor langlopende alimentaties die vóór 1 juli 1994 zijn afgesproken of vastgesteld. Natuurlijk gelden deze regels alleen voor alimentatie na beëindiging van het huwelijk door scheiding. Alimentatie is op of ná 1 juli 1994 afgesproken of vastgesteld Als uw ex-partner en u op of ná 1 juli 1994 een alimentatieregeling hebben afgesproken of als de rechter op of ná 1 juli 1994 een alimentatieregeling definitief heeft vastgesteld, beperkt de wet de alimentatieplicht voor de ex-partner in principe tot twaalf jaar. De wettelijke alimentatieplicht kan ook een kortere periode duren. Dat is het geval als het gaat om een huwelijk zonder kinderen dat niet langer dan vijf jaar heeft geduurd. De nieuwe wet bepaalt dat de alimentatieplicht in zo'n geval niet langer kan duren dan het huwelijk heeft geduurd. Als u in het scheidingsconvenant een afspraak over alimentatie maakt en daarbij geen termijn aangeeft, stopt de betalingsplicht automatisch na twaalf jaar. Is er sprake van een huwelijk zonder kinderen dat niet langer dan vijf jaar heeft geduurd, dan stopt de alimentatie automatisch als de wettelijk toegestane periode voorbij is (dat is dus net zo lang als het huwelijk heeft geduurd). Natuurlijk kunt u samen ook een langere termijn dan twaalf jaar (of de kortere termijn, die gelijk is aan de huwelijksperiode) afspreken. Als degene die alimentatie ontvangt, trouwt of gaat samenwonen met iemand anders alsof zij getrouwd waren dan wel een geregistreerd partnerschap aangegaan waren, blijft uiteraard de regel gelden dat de alimentatie dan stopt. Als de rechter een alimentatieregeling vaststelt, kan hij of zij dat voor maximaal twaalf jaar doen. Heeft de rechter geen termijn vastgesteld, dan eindigt de alimentatieplicht automatisch na twaalf jaar. Gaat het om een huwelijk zonder kinderen of een geregistreerd partnerschap zonder kinderen dat niet langer dan vijf jaar heeft geduurd, dan kan de rechter de alimentatie vaststellen voor een periode die maximaal de lengte heeft van de periode van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap. De termijn (twaalf jaar of de periode van maximaal vijf jaar) begint te lopen op het moment dat de echtscheidingsbeschikking of de beschikking tot ontbinding van het geregistreerd partnerschap is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. Bij een scheiding van tafel en bed, begint de termijn te lopen op het moment dat de beschikking van scheiding van tafel en bed definitief is geworden. Bent u eerst van tafel en bed gescheiden en is daarna het huwelijk door de rechter ontbonden, dan is de totale periode waarin alimentatie moet worden betaald, ook twaalf jaar (of de periode van maximaal vijf jaar), te rekenen vanaf het moment dat de beslissing van de rechter over de scheiding van tafel en bed definitief is geworden. Het geregistreerd partnerschap kent niet de scheiding van tafel en bed en de ontbinding daarna. Notabene: Het huwelijk begint op de dag dat u trouwt en eindigt op de dag dat de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. De echtscheiding is dan definitief. Een scheiding van tafel en bed is definitief als er geen hoger beroep of cassatie meer kan worden ingesteld, omdat de termijn voor hoger beroep of cassatie voorbij is. Die termijn voor hoger beroep of cassatie is twee maanden, gerekend vanaf de dag dat de rechter de beslissing heeft genomen (datum beschikking). Het geregistreerd partnerschap begint op de dag dat het wordt gesloten en eindigt op de dag van inschrijving in de registers van de burgerlijke stand van de beschikking tot beëindiging of van een verklaring dat een beëindigingsovereenkomst is gesloten. Verlenging Aan het einde van de periode van twaalf jaar (of de periode van maximaal vijf jaar) kan de ex-partner die alimentatie ontvangt de rechter om verlenging vragen. Dat kan als u samen de alimentatie hebt afgesproken en ook als de alimentatie door de rechter is vastgesteld. Verlenging is alleen mogelijk, als het voor de ex-partner die alimentatie ontvangt bijzonder onredelijk zou zijn als de alimentatiebetaling zou stoppen. Als u om verlenging vraagt, gaat de rechter na of u echt in hele ernstige problemen komt als de betalingen stoppen. Zo'n verzoek om verlenging van de alimentatie moet u uiterlijk binnen drie maanden nadat de periode van twaalf jaar om is, indienen bij de rechtbank. Als de rechter beslist dat de alimentatiebetalingen voor een bepaalde periode moeten doorgaan, bepaalt de rechter ook of ná die verlengde periode er wèl of niét opnieuw om een verlenging kan worden gevraagd. Alimentatie is vóór 1 juli 1994 afgesproken of vastgesteld Als er al vóór 1 juli 1994 alimentatie werd betaald, omdat uw ex-partner en u dat hebben afgesproken of omdat de rechter dat heeft bepaald, eindigt de alimentatieregeling niet automatisch na een bepaalde periode. Hebben uw ex-partner en u wel een termijn afgesproken of is er in de beschikking een termijn genoemd, dan eindigt de plicht uiteraard als die termijn om is. Natuurlijk kunt u de rechter om wijziging van de afgesproken of vastgestelde periode vragen, als later blijkt dat die periode te kort of te lang is en daardoor één van de ex-partners ernstig wordt benadeeld. Vijftien jaar of langer De wettelijke regels voor de tijd dat alimentatie betaald moet worden, zijn bedoeld voor alimentatieregelingen die vanaf 1 juli 1994 zijn afgesproken of vastgesteld. Maar voor alimentaties die vóór 1 juli 1994 zijn afgesproken of definitief zijn vastgesteld en die al vijftien jaar of langer worden betaald, is er ook een regeling in de 'Wet limitering alimentatie' opgenomen. Die regeling houdt in dat de ex-partner die al vijftien jaar of langer alimentatie betaalt aan de rechter kan vragen om de alimentatieplicht te beëindigen. Ook hier kan het zowel om de periode ná de echtscheiding als om de periode ná de scheiding van tafel en bed gaan. Is uw huwelijk na een scheiding van tafel en bed ontbonden, dan wordt de alimentatieperiode ná de scheiding van tafel en bed opgeteld bij de alimentatieperiode ná de ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed. Is die gezamenlijke periode vijftien jaar of langer, dan kan de ex-partner die alimentatie betaalt aan de rechter om beëindiging van de betaling vragen. Zo'n verzoek om beëindiging zal de rechter alleen afwijzen als hij of zij van oordeel is dat stopzetting van de betalingen voor de ex-partner die alimentatie ontvangt hoogst onbillijk zou zijn. In de wet staat dat de rechter bij het nemen van die beslissing in het bijzonder moet letten op: de leeftijd van degene die alimentatie ontvangt of er wel of niet uit het huwelijk kinderen zijn geboren de duur van het huwelijk en de mogelijkheid van beide partners om tijdens en/of na het huwelijk een eigen inkomen op te bouwen of degene die alimentatie ontvangt recht heeft op een deel van het ouderdomspensioen van de ex-partner. Dit betekent dat de rechter een verzoek om de alimentatieplicht, die al vijftien jaar of langer duurt, vóór juli 1997 stop te zetten niet kan inwilligen. De rechter kan dan wel bepalen dat de betalingen stoppen op 1 juli 1997. Bij een verzoek op of ná 1 juli 1997, kan de rechter bepalen dat de betalingen meteen stoppen. Voor een verzoek om beëindiging van de alimentatie is een zelfde procedure bij de rechtbank nodig als voor een verzoek om alimentatievaststelling dat niet gelijk met de scheiding of de ontbinding van het huwelijk wordt gedaan of een verzoek om alimentatiewijziging.

Rechtsbijstand

Als u een verzoek om alimentatievaststelling, een verzoek om wijziging van de alimentatie of beëindiging van de alimentatie doet, bent u verplicht om een advocaat in te schakelen. Alle stukken die naar de rechtbank moeten worden gestuurd, moet u via uw advocaat sturen. Uw advocaat vertegenwoordigt u ook op de zitting bij de rechtbank.

Hoe verloopt de aparte alimentatie procedure indien deze niet direct wordt meegenomen bij het echtscheidingsverzoek?

Een verzoek om vaststelling, wijziging of beëindiging van alimentatie begint altijd met een verzoekschrift. In het verzoekschrift moeten zowel uw naam, voornamen, geboortedatum en adres worden vermeld als de naam, voornamen, geboortedatum en adres of werkelijke verblijfplaats (voor zover bekend) van uw ex-partner. Gaat het (tevens) om een verzoek om kinderalimentatie voor een minderjarig kind, dan moeten ook de naam, voornamen, geboortedatum en adres van het minderjarige kind worden vermeld. Gaat het om een alimentatieverzoek van een meerderjarig kind, dan moeten naast de eigen gegevens de naam, voornamen en het adres of werkelijke verblijfplaats (voor zover bekend) van de ouder worden vermeld van wie de financiële bijdrage wordt gevraagd. Verder moet in het verzoekschrift staan waarom u vindt dat de alimentatie moet worden vastgesteld, gewijzigd of beëindigd. Het verzoekschrift stuurt u via uw advocaat naar de griffie van de rechtbank. De griffier van de rechtbank stuurt een afschrift van het verzoek naar uw ex-partner (of ouder). Waar moet uw verzoek naar toe? Alimentatievaststelling, wijziging of beëindiging moet u vragen bij de rechtbank in het arrondissement waar u woont. Als u niet in Nederland woont maar uw ex-partner (of ouder) wel, stuurt u het verzoek naar de rechtbank in het arrondissement waar uw ex-partner (of ouder) woont. Woont u geen van beiden in Nederland, dan stuurt u het verzoek naar de rechtbank in Den Haag. Verweer Als uw ex-partner (of ouder) het niet eens is met uw verzoek, moet hij of zij binnen korte termijn via een advocaat een verweerschrift indienen. De rechter kan die termijn verlengen. In het verweerschrift moet uw ex-partner (of ouder) aangeven waarom hij of zij geen alimentatie wil of kan betalen of waarom de alimentatie niet kan worden gewijzigd of beëindigd. Als het verweerschrift binnen is, krijgen uw ex-partner (of ouder) en u een oproep voor een zitting. Als er binnen drie weken of de termijn die de rechter heeft gesteld geen verweerschrift bij de rechtbank is binnengekomen, heeft er meestal geen zitting plaats. De rechter neemt dan alleen op basis van het verzoek een beslissing. Alleen als het (tevens) om kinderalimentatie gaat voor een minderjarig kind van 16 of 17 jaar, bepaalt de rechter dat er toch een zitting plaats heeft. Zitting Bij de zitting van de rechtbank is geen publiek aanwezig (besloten zitting). Tijdens de zitting mogen beide partijen hun verhaal vertellen. Als er geen verweerschrift is ingediend en er wet een zitting plaats heeft, kan de rechter bepalen dat tijdens de zitting alsnog een verweerschrift mag worden ingediend. Aan het einde van de zitting deelt de rechter mee op welk moment de beslissing zal worden genomen. Waar houdt de rechter rekening mee De rechter moet bij zijn of haar beslissing rekening houden met de behoefte van degene die alimentatie vraagt of krijgt en de draagkracht van degene die alimentatie moet betalen of betaalt. De rechter moet de behoefte van de ene partij afwegen tegen de draagkracht van de andere partij. Het kan dus best zo zijn dat de één het gevraagde bedrag nodig heeft om rond te komen, maar dat de ander dat bedrag absoluut niet kan opbrengen. De rechter kan dan nooit het gevraagde bedrag als alimentatie vaststellen. De rechter moet de financiële gevolgen van de scheiding zo eerlijk mogelijk over beide partijen verdelen. Hebt u bijvoorbeeld geen eigen inkomsten, maar kunt u wel werken, dan houdt de rechter daar rekening mee. Ook houdt de rechter rekening met de woonkosten. Misschien kunt u goedkoper gaan wonen, of een deel van het huis verhuren. Misschien zijn er nog kinderen thuis die al verdienen. De rechter kijkt dan of zij kostgeld kunnen betalen. Het gaat er dus niet om of iets wel of niet gebeurt. Voor de rechter is van belang of iets in redelijkheid kan worden gevraagd. De rechter baseert zijn of haar beslissing op de informatie in het verzoekschrift en het verweerschrift en op de informatie die uw ex-partner (of ouder of meerderjarig kind) en u op de zitting geven. Geef daarom zowel in uw verzoekschrift/verweerschrift als op de zitting alle informatie die van belang is. Zowel over u zelf, als over de situatie van de andere partij. Het moet wel om zakelijke informatie gaan, die voor de vaststelling van de alimentatie van belang is en waarvan u de bewijsstukken moet laten zien. De volgende inkomsten en uitgaven zijn van belang voor het oordeel van de rechter: · inkomsten uit arbeid · inkomsten uit nevenarbeid · studiefinanciering · uitkeringen · pensioen · inkomsten uit onderhuur · rente en andere inkomsten uit vermogen · bijdragen aan het huishouden van anderen, met wie u een gemeenschappelijke huishouding voert · bestaande mogelijkheden om inkomsten uit te breiden · opgaven over uw vermogen huurbetalingen aflossingen van uw hypotheek en rente, alsmede de vaste lasten. Daarbij moet u ook het deel van de hypotheek vermelden dat nog niet is afbetaald. Elk jaar geeft de hypotheekbank een overzicht van het nog af te lossen hypotheekbedrag verzekeringen noodzakelijke regelmatige reiskosten financiële verplichtingen voor anderen kosten van bijzondere medische verzorging voor u zelf of voor uw gezinsleden kosten voor de verwerving van inkomsten eventueel ook opgaven van uw schulden Beslissing Na de zitting neemt de rechter een beslissing. Die beslissing wordt schriftelijk vastgelegd. Dit wordt een beschikking genoemd. U krijgt de beschikking via uw advocaat toegestuurd. Notabene: Als u uw alimentatieverzoek gelijk met een scheidingsverzoek hebt gedaan, kunnen beide verzoeken op één zitting worden behandeld. Natuurlijk weegt de rechter ook dan de behoefte van de ene partij af tegen de draagkracht van de andere partij.

Hoger beroep en cassatie

Als U het niet eens bent met de beslissing van de rechter, kunt u in hoger beroep gaan bij het hof. U stuurt dan via uw advocaat, een verzoekschrift naar het hof. Het hof behandelt de zaak helemaal opnieuw en geeft ook weer een beschikking. De procedure die dan wordt gevolgd, is dezelfde als de procedure bij de rechtbank. Bent in het ook niet eens met de beslissing van het hof, dan kunt in via uw advocaat beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden. De Hoge Raad behandelt de zaak niet opnieuw. De Hoge Raad kijkt alleen of de lagere rechters het recht juist hebben toegepast. Dat betekent dat er niet wordt nagegaan of de feitelijke omstandigheden, zoals die in de stukken staan, kloppen. Ook wordt u niet opnieuw gehoord. Termijn Als u in hoger beroep wilt bij het hof of cassatie wilt instellen bij de Hoge Raad, moet u dat binnen twee maanden na de beslissing van de rechter doen. De termijn van twee maanden gaat in op de dag dat de beschikking is gegeven.

Betaling van partneralimentatie

De rechter vermeldt in de beschikking of de betaling voor de ex-partner wekelijks, maandelijks of drie-maandelijks moet worden gedaan. Beide partijen moeten samen afspreken hoe de betalingen in de praktijk worden gedaan.

Betaling van kinderalimentatie

De niet-verzorgende ouder betaalt elke maand (of elk kwartaal, als dat zo is afgesproken) het vastgestelde bedrag voor het kind of de kinderen aan de verzorgende ouder. Beide ouders moeten samen afspreken hoe de betalingen in de praktijk worden gedaan. Als een kind meerderjarig is, krijgt het kind het geld zelf. De betalende ouder en het kind moeten daar samen afspraken over maken. Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen Voor de betaling van kinderalimentatie kunt u soms een beroep doen op het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO). Het LBIO kan de kinderalimentatie innen bij de betalende ouder en uitkeren aan de verzorgende ouder of het meerderjarige kind van 18, 19 of 20 jaar. (Het LBIO regelt geen betalingen van partner-alimentatie.) Wanneer kunt u een beroep doen op het LBIO Volgens de wet kunt u een beroep doen op het LBIO als er een betalingsachterstand is. Deze achterstand mag niet ouder zijn dan 6 maanden. In zo'n geval moet de ontvangende ouder of het kind van 18, 19 of 20 jaar een schriftelijk verzoek tot inning doen aan het LBIO. De verzoeker moet dan met bewijsstukken aantonen welke termijnen niet, en wel zijn betaald. Verder kan het LBIO kinderalimentaties innen in de volgende gevallen: 1.er is een gezamenlijk verzoek 2.de betalende ouder doet het verzoek 3.de ontvangende partij (verzorgende ouder of meerderjarig kind) doet een verzoek, zonder dat er een betalingsachterstand is ad 1. Als beide partijen de kinderalimentatie door het LBIO willen laten regelen, moeten zij dit in een brief aan het LBIO vragen. De brief moet door beide partijen worden ondertekend. ad 2. De betalende ouder vraagt het LBIO schriftelijk de betaling te regelen. ad 3. De ontvangende partij vraagt het LBIO schriftelijk de alimentatie te innen. De betalende ouder moet het er mee eens zijn dat de betalingen via het LBIO lopen en de ontvangende ouder of het meerderjarig kind betaalt de opslag. Inschakeling van het LBIO is niet gratis Voor de inning van de kinderalimentatie brengt het LBIO een opslag in rekening. Deze opslag bedraagt tien procent van de verschuldigde bedragen. Het minimum bedrag dat het LBIO in rekening brengt is f. 25, - per maand. De betalende ouder moet de kosten van de inning door het LBIO betalen. Welke maatregelen kan het LBIO nemen Het LBIO kan een aantal maatregelen nemen als er niet of niet op tijd wordt betaald. Het LBIO kan bijvoorbeeld beslag laten leggen op salaris, uitkering of (on)roerende goederen. De kosten die het LBIO daarvoor moet maken, komen voor rekening van de betalende ouder.

Inkomen ex-partners na scheiding

Bijstand

Als bij een scheiding of een ontbinding van een huwelijk de rechter een bedrag aan partneralimentatie vaststelt, houdt hij of zij altijd rekening met de behoefte van de ene en de draagkracht van de andere ex-partner. Als ex-partners samen alimentatie hebben afgesproken, kan het zijn dat er niet volledig rekening is gehouden met de behoefte van de ene en de draagkracht van de andere ex-partner. Maar in beide gevallen kan het bedrag aan alimentatie niet genoeg zijn om in het levensonderhoud van de ex-partner die alimentatie krijgt te voorzien. Als die ex-partner daarnaast geen of te weinig andere inkomsten heeft, kan zij of hij een verzoek om een aanvullende bijstandsuitkering indienen bij de sociale dienst in de eigen woonplaats.

Verhaal

Vraagt de ene ex-partner bij de scheiding of enige tijd na de scheiding een bijstandsuitkering aan, dan gaat de Gemeentelijke Sociale Dienst na in hoeverre de andere ex-partner onderhoudsplichtig is en of uitgekeerde bijstand op hem of haar kan worden verhaald. De Gemeentelijke Sociale Dienst vraagt daarvoor de ex-partner op wie verhaald kan worden om alle financiële gegevens te verstrekken die nodig zijn voor de beoordeling. Daarna stelt de Gemeentelijke Sociale Dienst vast welk bedrag verhaald gaat worden en vraagt dat bedrag binnen 30 dagen te betalen. Als de ex-partner op wie wordt of gaat worden verhaald het daar niet mee eens is en niet betaalt, vraagt de Gemeentelijke Sociale Dienst aan de rechter bij de rechtbank om de betaling dwingend op te leggen. Dit kan de Gemeentelijke Sociale Dienst ook doen, als de situatie van de betalende ex-partner zo is gewijzigd, dat op hem of haar een groter deel van de uitgekeerde bijstand zou kunnen worden verhaald. Natuurlijk kan de betalende ex-partner ook om vermindering vragen, als de eigen situatie zo is gewijzigd dat het verhaalde bedrag niet meer redelijk is.

MODEL ECHTSCHEIDINGSCONVENANT

In onderstaand model worden meerdere opties gegeven met betrekking tot verschillende zaken. Bij dit convenant staat de meest voorkomende echtscheiding centraal, namelijk die waarin partijen in gemeenschap van goederen gehuwd zijn, de vrouw met de zorg van de kinderen belast is en de man alimentatieplichtig is. Overal waar 'man' staat kan derhalve ook 'vrouw' gelezen worden en omgekeerd.


De ondergetekenden:

.............., wonende te..............., hierna te noemen 'de vrouw',
en

.............., wonende te..............., hierna te noemen 'de man';

Nemen het volgende in aanmerking:
A. Partijen zijn op ......... te ..............., met elkaar gehuwd in algehele gemeenschap van goederen (of: op huwelijkse voorwaarden, inhoudende .........);

B. Uit hun huwelijk is/zijn geboren het/de navolgende kind(eren): .................................., geboren te ........................, ................................. , geboren te.........................,

C. Partijen zijn beiden van oordeel dat hun huwelijk duurzaam is ontwricht en zij zijn voornemens hun huwelijk op die grond door echtscheiding te doen ontbinden;

en bijvoorbeeld:

Partijen zijn sedert ...............feitelijk uiteen en wensen met ingang van die datum de gevolgen van hun huwelijksgoederenregime in hun onderlinge verhouding voorzover mogelijk ongedaan te maken;

of:

Het huwelijk van partijen is op ............ ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand;

D. Zij hebben de gevolgen van de ontbinding van hun huwelijk geregeld voor het geval de echtscheiding tot stand komt;

of (als na de ontbinding van het huwelijk het convenant opgemaakt wordt):

Zij hebben de gevolgen van hun echtscheiding geregeld;

Artikel 1 De procedure 1.1 Partijen zullen zich ervoor inspannen de procedure op korte termijn aanhangig te maken door het indienen van een gemeenschappelijk verzoek.

DE KINDEREN

Artikel 2 Gezag
Partijen zijn van mening dat het in het belang is van hun minderjarige kinderen, dat zij gezamenlijk belast blijven met het gezag over hen. De kinderen zullen bij de vrouw/man woonachtig zijn. Met betrekking tot de verdeling van de kosten van verzorging en opvoeding hebben zij de navolgende regelingen getroffen.

Artikel 3 Alimentatie
3.1 De man/vrouw zal met ingang van ...... als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen aan de vrouw betalen een bedrag van € ............per kind per maand, bij vooruitbetaling voor de eerste van de maand te voldoen te vermeerderen met elke wettelijke kindertoelage waarop de man aanspraak kan maken. 3.2 Deze bijdrage ten behoeve van de kinderen zal jaarlijks te beginnen m.i.v. ....... worden verhoogd volgens de op dat moment geldende wettelijke indexering als bedoeld in art. 1:402a BW.

Artikel 4 Omgangsregeling
4.1 Ervan uitgaande dat de kinderen bij de vrouw woonachtig zijn, komt partijen de navolgende omgangsregeling met de kinderen wenselijk voor: . Eens in de 14 dagen heeft de man het recht met de kinderen om te gaan. Hij zal hen hiertoe op vrijdag 17.00 uur/zaterdagochtend om 9.00 uur ten huize van de vrouw afhalen en er voor zorgen dat zij op zondagavond uiterlijk om 16.30/19.00 uur weer thuis zijn.

.Voorts heeft de man het recht de kinderen in de grote vakantie gedurende een aaneengesloten periode van 2 weken bij zich te hebben alsmede op 2e Kerst- en 2e Paasdag. Partijen zullen tijdig overleg plegen over de grote vakantie, in ieder geval voor 1 april van het desbetreffende jaar.

4.2 De kosten van bovenstaande omgangsregeling komen ten laste van de man. Hij is niet gerechtigd deze in mindering op de door hem verschuldigde kinderalimentatie te brengen. 4.3 Afspraken inzake het verstrekken van informatie aan en raadpleging door de vrouw van de man inzake belangrijke aangelegenheden de kinderen betreffende. Partijen zijn hieromtrent als volgt overeengekomen:
.................................

ALIMENTATIE VROUW

Artikel 5 Algemeen
5.1 De man zal (eventueel: gedurende.................. jaar) met ingang van..................maandelijks bij vooruitbetaling voor de 1e van de maand aan de vrouw voldoen een bedrag van € ............ bruto, als bijdrage in haar levensonderhoud (eventueel: vermeerderd met een bedrag van €............., eenmaal per jaar te voldoen in de maand juni, bij wijze van vakantiegeld). 5.2 Het sub 5.1 genoemde bedrag is gebaseerd (bijv.) op het bruto jaarinkomen van de man per 1 januari 2003 ad €....... per jaar, inclusief vakantie- toeslag en 13e maand (eventueel: en op de navolgende andere inkomensposten....... ). 5.3 Deze alimentatie is te beginnen m.i.v. .......... onderworpen aan de wettelijke indexering als bedoeld in art. 1:402a BW.

Artikel 6 Inkomsten vrouw
6.1 Indien de vrouw inkomsten uit arbeid en/of vermogen geniet, geldt het navolgende: . Eigen inkomsten tot een bedrag van (bijv.) € 1.000 bruto per maand (exclusief evt. vakantiegeld) vormen geen grond voor vermindering van de alimentatie; . Eigen inkomsten, voorzover deze € 1.000 bruto per maand (exclusief evt. vakantiegeld) te boven gaan, komen voor ............. % in mindering op de alimentatie. 6.2 De vrouw zal de hoogte van haar eigen inkomsten aantonen door overlegging van bewijsstukken aan de man, zoals een recente werkgevers- verklaring c.q. jaaropgave. 6.3 Het bedrag van € 1.000 bruto per maand wordt jaarlijks verhoogd met hetzelfde percentage als vermeld in art. 5.3.

Artikel 7 Afwijkende regeling ten aanzien van art. 1:160 BW (noot 3)
7.1 Indien de vrouw gaat samenleven met een ander als waren zij gehuwd of een geregistreerd partnerschap aangaat, eindigt de alimentatieplicht van de man eerst, nadat die samenleving/partnerschap ............jaar (bijvoorbeeld 1) heeft geduurd. Gedurende deze periode is de man niet alimentatieplichtig. 7.2 Indien de samenleving/partnerschap van de vrouw binnen de genoemde periode eindigt, wordt de man vanaf het moment van beëindiging weer alimentatieplichtig conform het in artikel 5 bepaalde. 7.3 De wettelijke regeling van art. 1:160 BW blijft evenwel onverkort van toepassing, indien de vrouw de samenleving/partnerschap niet vóór de aanvang daarvan schriftelijk aan de man heeft medegedeeld (andere voorzieningen zijn ook denkbaar).

Facultatief/Optioneel :

Artikel 7.4 Beding van niet-wijziging De alimentatieregelingen, vermeld in de artikelen 5 tot en met 7 kunnen niet bij rechterlijke uitspraak worden gewijzigd. Op grond van een wijziging van omstandigheden, behoudens het bepaalde in art. 1:159 lid 3 BW.

Indien partijen afstand doen van alimentatie kan in plaats van de artikelen 5 tot 8 worden vermeld: .

Artikel X Nihilbeding Partijen doen over en weer afstand van hun rechten op alimentatie jegens elkaar. Dit beding kan niet bij rechterlijke uitspraak worden gewijzigd op grond van een wijziging van omstandigheden (behoudens het bepaalde in art. 1:159 lid 3 BW).

DE BOEDELVERDELING

Artikel 8 Omvang van de huwelijksgemeenschap en peildatum (noten 5, 6, 7 en 8) 8.1 Als peildatum voor de omvang van de gemeenschap van partijen geldt .............. (bijv. de dag van uiteengaan van partijen); als peildatum voor de waardering van de goederen van de gemeenschap geldt ........... (bijv. de dag van uiteengaan van partijen of de dag van ontbinding van het huwelijk door echtscheiding).

8.2 Voor zover partijen bekend omvat de huwelijksgemeenschap de in de bijlage 1 opgenomen activa en passiva.

8.3 Het saldo van de gemeenschap bedraagt €......... , zodat elk van partijen recht heeft op € ...........(de helft van het saldo).

Artikel 9 Verdeling 9.1 Aan de vrouw worden toegedeeld ..................(activa en passiva vermelden, denk aan levensverzekeringen, pensioenrechten, belastingschulden en teruggaven).

Totale waarde € ..........

Aan de man worden toegedeeld.................(activa en passiva vermelden). Totale waarde € ..........

9.1 Aan de vrouw worden de navolgende activa en passiva toegedeeld: ...................... Aan de man worden alle overige activa en passiva toegedeeld (en bijv. waaronder:.................. )

Eventueel:
9.2 Partijen zullen ervoor zorg dragen dat de verdeling uiterlijk (bijv.) binnen 1 maand na inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand is gerealiseerd. Hiertoe zullen zij meewerken aan de levering van goederen die aan de één zijn toegedeeld, doch die zich nog onder de ander bevinden. De partij die alsdan hiermede in gebreke is, is zonder dat enige nadere ingebrekestelling is vereist, een direct opeisbare boete verschuldigd van € 50 per dag voor iedere dag dat hij in gebreke blijft, onverminderd het recht van de andere partij de werkelijk geleden schade te vorderen.

In geval van overbedeling van een van partijen:

9.3 Door bovenstaande verdeling van de huwelijksgemeenschap wordt de man/vrouw overbedeeld met een bedrag van €.......... . De man/ vrouw verplicht zich de helft van dit bedrag aan de vrouw/man uit te betalen binnen één maand na de ondertekening van deze overeenkomst ( of: na de uitspraak van de echtscheidingsbeschikking of: bij de levering van de (voormalige) echtelijke woning) (9). Indien geen tijdige betaling plaatsvindt, is de man/vrouw een rente verschuldigd van ....% per jaar over het openstaande bedrag.

In ieder geval:

9.4 Alle baten en lasten opgekomen na de peildatum van de omvang van de huwelijksgemeenschap zoals genoemd in art. 8 lid 1 ........... (Hier dient men van dezelfde datum uit te gaan als in art. 8 lid 1. Doet men zulks niet, dan is er geen regeling voor de baten en lasten die ontstaan in de periode gelegen tussen de tijdstippen genoemd in art. 8 lid I en de ontbinding van het huwelijk. Alsdan geldt de wettelijke regeling.) worden toegedeeld aan c.q. komen voor rekening van degene die ze betreffen (noot 10).

Artikel 10 Bijzondere kosten
10.1 De man zal in afwijking van het bepaalde in art. 9 lid 4 ten behoeve van de vrouw stipt op tijd blijven voldoen (hier volgen een paar voorbeelden): . alle vaste lasten en noodzakelijke onderhoudskosten van de echtelijke woning, waaronder de hypothecaire verplichtingen, alsmede alle verzekeringspremies die op de woning betrekking hebben; . de kosten van de verzekeringspremies van de ziektekostenverzekering voor het gehele gezin; . de premie van de W.A.-verzekering voor het gehele gezin. Bovenstaande kosten zal de man voor rekening nemen zolang het huwelijk nog duurt, zonder dat hij deswege jegens de vrouw aanspraak kan maken op enige verrekening. Leidt deze regeling tot belastingheffing bij de vrouw, dan kan zij de door haar verschuldigde belasting niet met de man verrekenen. 10.2 Iedere partij draagt de kosten van zijn advocaat. De volgende kosten worden bij helfte gedragen van de door partijen gezamenlijk ingeschakelde: . fiscaal adviseur; . makelaar die de echtelijke woning heeft getaxeerd; . taxateur, die de waarde van de inboedel heeft vastgesteld.

Artikel 11 (Huurrecht) Echtelijke woning
11.1 Het huurrecht van de echtelijke woning aan de............ te............. wordt aan de man/vrouw toebedeeld. De man/vrouw neemt de verplichting op zich de huur te betalen met ingang van............. .

Of:

11.1 Zoals in art. 8 lid 2 vermeld, wordt de echtelijke woning aan de.......... aan de man/vrouw toebedeeld.

Dit geschiedt op voorwaarde dar de hypothecaire lening aan hem/haar wordt toegescheiden en de bank de vrouw/man ontslaat uit haar/diens hoofdelijke verplichtingen jegens de hypotheekhouder.

11.2 De kosten verbonden aan de levering en de tenaamstelling van de onroerende zaak zijn voor rekening van ...............(of voor gezamenlijke rekening van partijen). De kosten verbonden aan het ontslag uit de hoofdelijke verplichting als bedoeld in lid 1 zijn voor rekening van ............... De lasten rustend op de aan de man/vrouw toebedeelde onroerende zaak zullen met ingang van .............voor rekening van de man/vrouw zijn.

11.3 Het notarieel transport van de echtelijke woning zal uiterlijk binnen ..........(bijv. 1 maand na de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de Burgerlijke Stand) of op................... ten overstaan van Mr. ......, notaris te.......... of diens plaatsvervanger geschieden. De hieraan verbonden kosten zijn voor rekening van ...............

(Desgewenst: Door ondertekening van deze overeenkomst machtigt de man/vrouw onherroepelijk de vrouw/man om namens hem/haar al hetgene te doen dat in verband met de verdeling nuttig, nodig of wenselijk is, waaronder met name begrepen het ondertekenen van akten en/of stukken

Artikel 12 Regeling pensioenverevening

A. Partijen doen over en weer afstand van eventueel door de ander opgebouwde pensioenaanspraken. Toepassing van de wet verevening pensioenrechten wordt nadrukkelijk uitgesloten. OF

B. Het door de man opgebouwde pensioen tijdens huwelijk zal tussen partijen worden verdeeld; partijen werken mee aan melding aan de pensioenuitvoerder(s) en zullen het daartoe bestemde formulier ondertekenen. OF

C. Het door de vrouw opgebouwde pensioen tijdens huwelijk zal tussen partijen worden verdeeld; partijen werken mee aan melding aan de pensioenuitvoerder(s) en zullen het daartoe bestemde formulier ondertekenen.

Artikel 13 Vrijwaring en finale kwijting
13.1 Partijen vrijwaren elkaar over en weer, indien de ene partij wordt aangesproken tot voldoening van een schuld, welke ingevolge deze overeenkomst ten laste van de andere partij komt. 13.2 Partijen verklaren terzake van de verdeling na uitvoering van bovenstaande niets meer van elkaar te vorderen te hebben en verlenen elkaar over en weer te dier zake finale kwijting.


SLOTBEPALING

Artikel 14 Ontbinding (noot 13)

Partijen doen afstand van hun recht om ingevolge het bepaalde in art. 6:265 BW ontbinding van deze overeenkomst te vorderen.

Aldus overeengekomen en in tweevoud opgemaakt en getekend te

............(plaats),........(datum)...............(plaats),............(datum)


(de man) (de vrouw)

Pensioen

Pensioen moet verdeeld worden bij echtscheiding

Vanaf 1 mei 1995 wordt bij een echtscheiding of een scheiding van tafel en bed het ouderdomspensioen verdeeld, dat tijdens het huwelijk door beide ex-partners is opgebouwd. Ook bij beëindiging van het geregistreerd partnerschap geldt dat het ouderdomspensioen wordt verdeeld dat tijdens het geregistreerd partnerschap is opgebouwd. Dit staat in de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, die op 1 mei 1995 in werking is getreden. Deze verdeling van het ouderdomspensioen staat los van de alimentatieverplichtingen. Alimentatie heeft te maken met de behoefte van de ene en de draagkracht van de andere ex-partner. Pensioenverdeling is er, omdat het pensioen dat tijdens het huwelijk of het geregistreerd partnerschap is opgebouwd, het resultaat is van de inspanning van beide ex-partners en het pensioen is bedoeld voor beide ex-partners. De rechter hoeft over die verdeling van het ouderdomspensioen dan ook geen beslissing te nemen. De ex-partners bepalen zelf op welke manier het huwelijks- of partnerschapsouderdomspensioen wordt verdeeld. Als de ex-partners niets over de verdeling afspreken, krijgt ieder (tezijnertijd) de helft van het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk of het geregistreerd partnerschap is opgebouwd, uitbetaald door de pensioenuitvoerder. Dit is de standaardverdeling. Ex-partners kunnen echter ook een andere verdeling afspreken. Om rechtstreeks te kunnen uitbetalen aan beide ex-partners, moet de pensioenuitvoerder van uw scheiding op de hoogte zijn. U stelt de pensioenuitvoerder op de hoogte door binnen twee jaar na de scheiding het formulier 'Mededeling van scheiding in verband met de verdeling van ouderdomspensioen' naar de pensioenuitvoerder op te sturen. In het formulier moet worden aangegeven op welke manier de ex-partners het huwelijks- of partnerschapsouderdomspensioen willen verdelen. Als ex-partners voor een andere verdeling dan de standaardverdeling kiezen, moet die andere afspraak zijn vastgelegd in een scheidingsconvenant en moet het formulier door beide ex-partners worden ondertekend. Het formulier zit samen met de brochure 'Verdeling van ouderdomspensioen bij scheiding' in een envelop. U kunt die envelop met formulier en brochure bij de meeste advocaten, notarissen, pensioenuitvoerders en bureaus voor rechtshulp krijgen. U kunt de brochure ook bestellen bij het ministerie van Justitie. Nabestaandenpensioen en bijzonder nabestaandenpensioen In de meeste pensioenregelingen is er naast een aanspraak op ouderdomspensioen ook een aanspraak op nabestaandenpensioen voor de partner die het ouderdomspensioen niet zelf opbouwt of heeft opgebouwd. Het nabestaandenpensioen is een uitkering die de ene partner kan krijgen, als de ander (die het ouderdomspensioen heeft opgebouwd) overlijdt. Het bijzonder nabestaandenpensioen is de uitkering die de ene ex-partner kan krijgen als de ander (die het ouderdomspensioen vóór de echtscheiding heeft opgebouwd) overlijdt. Als de ex-partner die alimentatie betaalt overlijdt, stopt de alimentatie. Ook de aanspraak van de andere ex-partner op het deel van het ouderdomspensioen dat de overledene heeft opgebouwd, vervalt. Hiervoor kan dan het bijzonder nabestaandenpensioen in de plaats komen. (Bij echtscheiding of beëindiging van het geregistreerd partnerschap wordt de opbouw van het huwelijks- of partnerschapsouderdomspensioen beëindigd en het volledig nabestaandenpensioen teruggebracht tot het bijzonder nabestaandenpensioen. Bij scheiding van tafel en bed wordt alleen de opbouw van het huwelijksouderdomspensioen beëindigd. Pas bij de ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, wordt het nabestaandenpensioen teruggebracht tot het bijzonder nabestaandenpensioen.) Of er voor uw ex-partner of u recht is op bijzonder nabestaandenpensioen kunt u navragen bij de instantie die de pensioenregeling uitvoert of de werkgever van de ex-partner die het ouderdomspensioen opbouwt of heeft opgebouwd.

Trema Rapport

Tremarapport

De berekening van partner- en/of kinderalimentatie is specialistisch werk. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde Tremanormen, de meeste advocaten, mediators en rechtbanken werken met dit model. Dit zeer uitgebreide model houdt rekening met alle facetten die van belang zijn voor het bepalen van de hoogte en duur van de alimentatie, zoals vermogen, inkomsten, persoonlijke omstandigheden, kinderen, enz. Op deze site kunt u de vragenlijst voor zowel de netto-methode als de bruto-methode bekijken( zie trema normen ), zoals u zal merken is de hoeveelheid informatie die benodigd is om een adequate berekening van uw situatie te kunnen maken groot. Een berekening is een tijdrovend proces, waarbij voor elke specifieke situatie een aanvaardbare verdeling moet worden gevonden, zoals reeds eerder vermeld werken zowel advocaten, mediators en rechtbanken met deze Tremanormen, een convenant wordt doorgaans opgesteld aan de hand van de uitkomsten van een alimentatie-berekening uitgevoerd volgens de Tremanormen. U zult dus in het echtscheidings-traject ongetwijfeld een gespecialiseerd bureau een dergelijke berekening laten maken. Op deze site vindt u een rekentool waarmee u een adequate eerste indicatie van uw situatie kan berekenen. Deze rekentool is een vereenvoudigde versie van de uitgebreide alimentatie berekeningsmodellen. Dit alimentatie berekeningsprogramma geeft een indictie van de hoogte van alimentatie die te ontvangen/ betaald dient te worden. Uitgangspunt in deze is uw belasting aangifte van het afgelopen jaar, er vanuitgaand dat deze representatief is, de gegevens van de ex-partner met het hoogste persoonlijke inkomen dienen ingevoerd te worden. Deze rekentool dient nadrukkelijk niet ter vervanging van een volledige berekening uitgevoerd door een advocaat, mediator, rechtbank, gespecialiseerd bureau, etc. U kunt de uitkomsten gebruiken om een inzicht te krijgen in uw finacien in de toekomst.

Indexering alimentatie

Als de scheiding ingeschreven is en hoogte en duur van de te betalen/ontvangen alimentatie ligt vast, dan moet nog met de indexering van deze alimentatie rekening gehouden worden. Jaarlijks worden de vastgestelde alimentatiebedragen aangepast, dit gebeurt om gelijke tred te houden met de stijging(daling) van de lonen en de inflatie(deflatie). Deze aanpassing wordt bepaald en bekend gemaakt door het ministerie van Justitie in november en gepubliceerd in de Staatscourant. Het percentage is afhankelijk van het door het CBS berekende loonindexcijfer en gaat op 1 januari van het volgende jaar automatisch in.

De alimentatie wordt op 1 januari 2004 met 2,5% verhoogd. De indexering geldt automatisch voor alle alimentaties, of ze nu door de rechter zijn vastgesteld of door de partijen zelf zijn afgesproken.

In de drie meest recente jaren was het percentage waarmee de uitkeringen van het levensonderhoud werden verhoogd respectievelijk; per 1 jan 2002 4,6%, per 1 jan 2003 3,9% en per 1 jan 2004 2,5%. De volledige tabel van alle sinds 1975 vastgestelde percentages kunt u vinden onderaan deze pagina. Op die automatische aanpassing van alimentaties is een aantal uitzonderingen. 1.Alle alimentaties die vóór 1 januari 1973 al afhankelijk zijn gesteld van het peil van het inkomen, de lonen of prijzen, doen niet mee met de automatische aanpassing. Voor deze alimentaties geldt, wat indertijd door de rechter is vastgesteld, of wat onderling is afgesproken. 2.U kunt samen afspreken dat de wettelijke indexering wordt uitgesloten. Dit moet schriftelijk worden vastgelegd. U kunt ook de rechter vragen de indexering uit te sluiten. Dit kan wenselijk zijn als alimentatieplichtige een vast inkomen heeft, dat niet meegaat met het loon- en prijspeil. 3.Verder kunt u de indexering, bij overeenkomst of via de rechter, uitsluiten voor een bepaalde periode, bijvoorbeeld voor een jaar. Een reden hiervoor kan zijn, dat de alimentatie aan het eind van een jaar wordt vastgesteld en de alimentatieplichtige niet op korte termijn een loonsverhoging krijgt. 4.Tenslotte kunt u kiezen voor een andere vorm van automatische aanpassing, die dan in een overeenkomst wordt vastgelegd of aan de rechter wordt gevraagd. U kunt dan bijvoorbeeld kiezen voor een koppeling aan de loonontwikkeling van de degene die moet betalen. Bij zo'n andere regeling van automatische aanpassing moeten beide partijen elkaar op de hoogte houden van wijzigingen die van belang zijn. Bijvoorbeeld inkomenswijzigingen. U kunt daar samen een informatieregeling voor vaststellen. Als de rechter zo n aanpassing op maat geeft, kan hij of zij ook vaststellen wanneer er informatie voor de aanpassing moet worden gegeven. De informatieregeling is bijvoorbeeld van belang voor het LBIO. Het LBIO moet weten wanneer de kinderalimentaties wijzigen die door hen worden geïnd. Notabene: Als uw ex-partner en u hebben afgesproken dat de wettelijke indexering (tijdelijk) niet voor uw situatie geldt, kunt u altijd aan de rechter vragen om de uitsluiting van de wettelijke indexering ongedaan te maken.

Overzicht tabel indexering alimentatie vanaf 1974
  • 1975 16 %
  • 1976 13 %
  • 1977 7 %
  • 1978 8 %
  • 1979 6 %
  • 1980 6 %
  • 1981 4 %
  • 1982 3 %
  • 1983 6,4%
  • 1984 geen percentage vastgesteld
  • 1985 0,5%
  • 1986 1,1%
  • 1987 1,3%
  • 1988 0,5%
  • 1989 1 %
  • 1990 1,6%
  • 1991 3,2%
  • 1992 3,7%
  • 1993 4,2%
  • 1994 2,5%
  • 1995 1,3%
  • 1996 1,1%
  • 1997 1,7%
  • 1998 2,3%
  • 1999 3,3%
  • 2000 2,5%
  • 2001 3,3%
  • 2002 4,6%
  • 2003 3,9%